(2x)
Ik spring op en neer.
En val op de grond.
Daarna draai ik heel snel
nog een keertje in het rond.
Ik zag een keer een aap.
Met hele rode billen.
Toen hij zich in de spiegel zag,
begon hij hard te gillen.
Ik zag een keer een vlieg.
Die lekker wilde eten.
Hij zag een bordje soep.
Nou, dat heeft ie geweten.
(2x)
Hij sprong op en neer.
En viel op de grond.
Daarna draaide hij heel snel
een keertje in het rond.
Ik zag een keer een haas.
Driftig iemand bellen.
Helemaal vergeten,
hoe z’n eigen naam te spellen.
Ik zag een keer een schaap.
Heerlijk liggen dromen.
Met tellen was hij niet verder,
dan zeventien gekomen.
(2x)
Hij sprong op en neer.
En viel op de grond.
Daarna draaide hij heel snel
een keertje in het rond.
Ik zag een keer een poes.
Door de kamer sluipen.
Toen hij een muisje zag,
kreeg hij spontaan de stuipen. (Iiie!)
(2x)
Hij sprong op en neer.
En viel op de grond.
Daarna draaide hij heel snel
een keertje in het rond.
Ik zag een keer een beer.
Broodjes aan het smeren.
Nu ligt hij hier in mijn bed,
bij alle knuffelberen.
Ik zag een keer een koe.
Die kon het echt niet laten.
Ze was toch zo blij met haar kalf,
ze bleef er over praten.
(3x)
Zij sprong op en neer.
En viel op de grond.
Daarna draaide zij heel snel
een keertje in het rond.
Ik spring op en neer.
En draai in het rond.
Maar nou val ik toch echt
doodmoe op de grond.